Klaprozenweg 1951 (F)

Op deze pagina zijn de bouwnummers volgens een bij Verolme United Shipyards N.V. gehanteerde
nummering aangegeven. De bouwnummers zijn hier dus niet meer de oplopende bouwnummers
uit de NSM en NDSM tijd. De nummering werd vanaf hier verdeeld over de aangesloten werven
en de onderstaande aan de NDSM uitgegeven bouwnummers vallen in de range 808 t/m 961.
.

.
.
tt Fina Britannia
Tanker, bouwnummer 808, 1971
Opdrachtgever: First Stratton Shipping Company Ltd. In charter voor Petrofina S.A. Brussel, België.
Afmetingen: 329.60 x 48.68 x 25.60 meter. Voorstuwing: Verolme/General Electric Turbines 32000 SHP . Het achterschip liep op
17-10-1970 van stapel. Het voorschip volgde op 9-1-1971 en de stapelloop werd ingeleid door mevrouw Bogaert, echtgenote van de onderdirecteur van Fina. De doop vond, na koppeling, plaats op 9-3-1971, en werd verricht door Lady Metcalfe, echtgenote van Sir Ralph Metcalfe, President-Directeur van de First Stratton Shipping Company Ltd. door het stukslaan van de champagnefles op het dekhuis.
Als bloemenmeisje zou de dochter van werknemer M.H. Zoutberg haar entree maken.Het plaatsen van een vlaksectie waaraan een tijdelijk bevestigingspunt wordt gelast.
.Het achterste deel van het achterschip begint vorm te krijgen.
.

. Ook deze foto is gemaakt vanaf de helling deur waarbij de bouw al weer iets is gevorderd.
. Hier vinden werkzaamheden plaats aan de opening van de schroefaskoker, hier nog in verticale positie.
. Het dek van het achterschip vanuit de portaalkraan gezien. Over het dak van de Scheepsbouwloods heen kijkende
is het thans niet meer bestaande woonoord Ataturk te zien waar veel Turkse NDSM’ers waren gehuisvest.
.
Winterweer met een besneeuwde NDSM werf. Aan de afbouwpier ligt het inmiddels van stapel gelopen achterschip te wachten op
het nog op de helling in aanbouw zijnde voorschip. De twee helften werden later aan de kraanbaan gekoppeld.
(Aerophoto Schiphol)
.Op 4-3-1971 ligt de inmiddels gekoppelde Fina Britannia aan de besneeuwde werf voor de kraanbaan.
(coll. C.Kleiss)
. Richting IJmuiden. (foto Peter Lensen)
. Tijdens het schutten in de grote sluis. (foto Peter Lensen)
De eerder geleverde mammoettankers kregen hun eerste dokbeurt in Lissabon maar de Fina Britannia werd gedokt in het nieuw
gebouwde
mammoetdok van Verolme op Rozenburg. Tot dan was de Fina Britannia het grootste schip ooit in Amsterdam gebouwd.
. Na 12 jaar dienst is op 31-5-1983 te Busan, Zuid Korea een aanvang gemaakt met de sloop.

.
.
tt Fina Canada
Tanker, bouwnummer 826, 1971
Opdrachtgever: First Stratton Shipping Company Ltd. In charter voor Petrofina S.A. Brussel, België.
Afmetingen: 329.60 x 48.68 x 25.60 meter. Voorstuwing: Verolme/General Electric Turbines 32000 APK . De stapelloop van het
achterschip geschiedde op 24-3-1971 om 10.00 uur. Het te water laten werd in gang gezet door het drukken op de knop door
Mrs. Greenhorne, echtgenote van Mr. D. W. D. Greenhorne, technisch directeur van Common Brothers Ltd. Het voorschip liep
op 3-7-1971 van stapel. Dit werd door het indrukken van de knop gedaan door Mrs. A. Alberson, echtgenote van de onder-
directeur van Petrofina S.A. te Brussel. De Canada werd op 19-8-1971 gedoopt door mevrouw E. Lamy, echtgenote van de
President van de Banque de l’Union Parisenne te Parijs en tevens Commissaris van Petrofina S.A. te Brussel. Monseigneur
A.Lefeuvre uit Rome heeft voor het schip en haar bemanning de zegen gevraagd. De overdracht vond plaats op 5-10-1971.

Het plaatsen van de achtersectie.
.Het dekhuis hangt hier in de takels van de NDSM bok Phoenix en wordt daarna overgenomen door de portaalkraan.
. Met de portaalkraan wordt het dekhuis boven het schip gebracht.
.Het dekhuis bevindt zich hier boven het achterschip.
.
De Fina Canada had beslist geen wipneusje.
.
aanbrengen slee
Het gereedmaken voor de tewaterlating. De houtscheepmakers brengen een deel van een slee onder het vlak. 
. De stapelloop van het voorschip.
. De laatste meters op de helling.
.
Omdat in twee delen gebouwde schepen pas na de koppeling als een compleet schip worden gedoopt bevindt de tribune voor
genodigden zich niet voor de helling maar aan de kraanbaan of, zoals hier tijdens de doop van de Fina Canada, op het dek.

. De aankomst te IJmuiden. Op de achtergrond liggen de Arosa Sun en daarvoor de Casa Marina afgemeerd.
Beide fungeerden als logement voor Italiaanse werknemers van de Hoogovens. De Casa Marina is in de
zestigerjaren eveneens bij de NDSM gebouwd (zie elders op deze website).
(Aerophoto Schiphol)
.

Passen en meten in de grote sluis en aan belangstelling is geen gebrek. (tot nu onbekende fotograaf)
.
De overdracht vond plaats te Rotterdam-Botlek. Hier de genodigden bijeen op de brug
met 
het glas in de aanslag voor het hier onderstaande moment.
. Bij schemerduister wordt hier door Henk Klopper de NDSM vlag gestreken terwijl de
Fina vlag wordt gehesen. Links strijkt Piet Boorsma de VUS vlag.
. Er was uiteraard een gelegenheid om te toasten. Piet Boorsma schenkt hier Champagne
aan de heer Huis die min of meer als vaste cateraar fungeerde bij dit soort gelegenheden.
Huis was toen tevens eigenaar van het restaurant “de Witte Haven” te Volendam.

De Fina Canada, met als thuishaven Duinkerken/Dunkerque, begon aan haar nieuwe leven. Het einde
kwam nog geen 10 jaar later, op 7-7-1981, met de aanvang van de sloop te Kaohsuing in Taiwan.

.
.
tt Texaco Amsterdam
Tanker, bouwnummer 832, 1972
Opdrachtgever: Texaco Norway A/S, Oslo, Noorwegen.
Afmetingen: 329.62 x 48.73 x 25.60 meter. 2 x Verolme/General Electric stoomturbine, 31.650AHK/23.221kW gebouwd bij Verolme Machinefabriek N.V. IJsselmonde. Het achterschip werd op 30-10-1971 door mevrouw Jansma, echtgenote van werknemers commissaris J.H. Jansma, vanaf helling 2/3 te water gelaten. Het voorschip volgde op 31-12-1971 waarbij de “stapelloop knop” werd bediend door mejuffrouw Kuitse, maatschappelijk werkster bij de Nederlandsche Dok en Scheepsbouw Maatschappij. De doop vond plaats op 18-3-1972.Via de zogenaamde koebrug ging het personeel aan boord.
.Het achterschip in wording met op de voorgrond de later aangeschaft hulpkraan.
.. De stapelloop van het voorschip.
.

Afgemeerd aan de kraanbaan waar de koppeling heeft plaatsgevonden. (Aerophoto Schiphol)
.De schoorsteen van de Texaco Amsterdam is iets meer dan de pijpje op het dak.
.
De uitnodiging voor geselecteerde personeelsleden en relaties.
. Ook hier werd het spannend in de sluizen.
. Het passeren van mammoettankers trok telkens veel publiek langs het Noordzeekanaal.
. Het slaan van de schroef na het uitvaren van de sluizen maakte veel indruk op alle dagjesmensen.
.

(Aerophoto Schiphol)
Op 17-6-1982 te Johore in Maleisië opgelegd. In dat jaar op 10 december te Kaohsiung in Taiwan gearriveerd.
De sloop nam een aanvang op 2-1-1983 en werd gedaan door de Lien Ho Hsing Steel Enterprisce Company.

.
.
tt Texaco Panama
Tanker, bouwnummer 833, 1972
Opdrachtgever: Texaco Norway A/S, Oslo, Noorwegen.
Afmetingen: 329.62 x 48.73 x 25.60 meter. 2 x Verolme/General Electric stoomturbine, 31.650AHK/23.221kW gebouwd bij Verolme Machinefabriek N.V. IJsselmonde. Stapelloop achterschip 8-4-1972. Het voorschip liep op 10-6-1972 van stapel na de druk op de knop door mevrouw Koedijk, echtgenote van chef Verkoop Texaco Olie Maatschappij, Rotterdam. De doop werd op 26-8-1972 verricht door Mrs. D.Allan Sedgwick, echtgenote van de Vice-President of Texaco Inc. Los Angeles, USA, door het stuk laten vallen van de champagnefles tegen het dekhuis. Bij die gelegenheid kreeg zij bloemen overhandigd van Cora van Schaik. De overdracht vond plaats op 20-9-1972.
De “kont” is nog niet aangebouwd om de druk bij het te water laten laag te houden.
.Na het achterschip volgde aansluitend de bouw van het voorschip.
.Het kantelen van een bloksectie met behulp van de bok Phoenix en de portaalkraan.
.
Op deze op 15-6-1972 gemaakte opname zijn links en rechts de beide helften te onderscheiden.
De naad loopt dwars over het dek van rechtsonder naar linksboven.

.De lassers zij aan zij op het dek bij het lassen van de koppelingsnaad.
.Deze opname is, net als de meeste andere luchtopnamen op deze website, gemaakt door. Hier ligt de Texaco Panama op 16-8-1972 aan
de kraanbaan. Het verschil tussen de inmiddels samengevoegde delen is aan het schilderwerk goed te zien.
(tot nu onbekende fotograaf) 

.Opweg naar de proefvaart bij het passeren van de voormalige Hembrug bij Zaandam.
. Na de overdracht gezien vanaf de zuidpier bij IJmuiden. Aanvang van de sloop op 28-12-1982 te Kaohsiung in Taiwan.
.
.
tt British Progress
Tanker, bouwnummer 845, 1973
Opdrachtgever: The British Petroleum Company, Ltd. Londen, Engeland. Het achterschip is op 24-2-1973 van stapel gelopen. Om 10.00 uur drukte Mrs. J.D. Duckworth op de knop waarmee het sein voor de tewaterlating werd gegeven. Het voorschip volgde, eveneens vanaf helling 2/3, op 12-5-1973 en dit gebeurde door het indrukken van de knop door Mrs. Parry, echtgenote van Mr. P.H. Parry van B.P. Field Office. Op 9-7-1973 volgde de doop die werd verricht door Lady Drake, echtgenote van Sir Henry Drake, chairman of the British Petroleum Company. Ellen Dijkman viel de eer te beurt om hierbij als bloemenmeisje te mogen optreden. De overdracht vond plaats op 15-10-1973. Het achterschip in aanbouw. Als detail, de kraan links, kraan 13, is de nog enige aanwezige buitenkraan.
. . . De vierbladige schroef is inmiddels geplaatst.
. Het achterschip verlaat op dit moment de helling 2/3.
.

De afloop van het achterschip. Geheel links ligt de drijvende NDSM bok Phoenix met de hellingdeur in de takels.
.In deze fase vinden de voorbereidingen voor de koppeling van het voor- en achterschip plaats.
(Aerophoto Schiphol)
. Na het gereedkomen van de afbouwfase vindt de onvermijdelijke proefvaart plaats.
Het binnenvaren van de sluizen is zoals gebruikelijk ook dit keer weer centimeterwerk.
.. En ook dit keer ontbreken de toeschouwers niet en hopelijk hebben zij vreedzame bedoelingen.
.
.Afmetingen e.d. voor de techneuten: loa 330 meter, ltl 314.12 meter, breedte 48.68 meter, holte 25.60 meter, max. diepgang 19.85 meter. Draagvermogen 228.600 ton. Ladingtanks incl. slobtanks: 229.170m³. Snelheid: 16.10 knopen (29.8 km/u) bij max. diepgang en vermogen. Voorstuwing: Verolme/General Electric HD en LD turbine in serie. Max. continu vermogen 32450 Pk (ca. 23900 kW). Ketels: 2 scheepsketels Verolme/Foster Wheeler ESD III. Max.stoomproductie 70 ton p/u, Cont. Stoomproductie 46,3 ton p/u, uitlaatdruk oververhitter 63.27 kgf/cm³, uitlaattemperatuur oververhitter 513°C. Elektrische uitrusting: 2 turbo generatoren 1400 kW, 440V 3 fase, 60 Hz. 1 diesel noodgenerator. Tanks: 5 midden tanks, 2x 5 zij tanks, schone ballast in midden tanks, slobtanks in midden tanks no.6 en in zij tanks. Laadsyseem: 4 zuigleidingen 762 mm. 2 persleidingen 975 mm. Alle leidingafsluiters in de pompkamers worden hydraulisch gestuurd vanuit de Centrale Controlekamer. Geen verwarminsspiralen. Ladingpompen: 4 turbine gedreven pompen elk 4700 m³ zeewater p/u bij een opvoerhoogte van 140 meter. Strippingpompen: 1 stoom gedreven pomp, 350 m³ zeewater bij een opvoerhoogte van 140 meter. Ballastpomp: 1 turbine gedreven pomp 2300 m³ p/u bij een opvoerhoogte van 140 meter. Accommodatie voor 44 personen. (tot nu onbekende fotograaf)
.
.
tt British Purpose
Tanker, bouwnummer 846, 1974
Opdrachtgever: The British Petroleum Company, Ltd. Londen , Engeland. De stapelloop van het achterschip geschiedde vanaf helling 2/3 en de handeling werd verricht door Mrs. J.S. Rix. Vanaf dezelfde locatie liep op 13-10-1973 het voorschip van stapel waarbij Mrs. Janaway, echtgenote van een BP vertegenwoordiger, op de knop drukte. De doop werd op 5-1-1974 verricht door Mrs. Marion Adams. Arendina de Jong, dochter van de NDSM fotograaf, fungeerde bij de doop als bloemenmeisje. Op 18-3-1974 vond de overdracht plaats. . De doop, op 5 januari 1974, vond plaats vanaf de tribune opgesteld bij de kraanbaan. Op de achtergrond
de inmiddels afgebrande koperslagerij.
.Op 20-1-1974 bij het schutten in de grote sluis bij IJmuiden voor de proefvaart.
.
.
tt Pegasus
Tanker, bouwnummer 854, 1973
Opdrachtgever: ZIM Israël Navigation Company, Haifa, Israel, voor Pelican Shipping Corporation, Monrovia, Liberia.
Het achterschip werd op 23-9-1972 te watergelaten door mevrouw Golandsky. Voorschip op 18-11-1972, beide van helling 2/3. De doop vanaf een salonboot werd verricht op 16-2-1973 door mw. E. Kashi, echtgenote van de president-directeur van de Pelican Shipping Corporation of Monrovia. Anja Horstman overhandigde de doopster een boeket. De overdracht vond plaats op 13-4-1973.

Het achterschip op de helling..
. De bouw van het achterschip waarbij het dekhuis inmiddels klaar staat om onder de portaalkraan te worden gebracht.
(Aerophoto Schiphol)
.
Het kotteren van de schroefaskoker.
.
.Het vlak en een aantal schotten van een voorschip in wording.
.Over drie goten glijdt het voorschip te water.
.Het samenvoegen wordt haast routinewerk.
.
In de sluizen bij IJmuiden onderweg voor de proefvaart.
.

De proefvaart begint nog zonder de uiteindelijke afwerklaag.
.
.
tt Aquila
Tanker, bouwnummer 855, 1974
Opdrachtgever: ZIM Israel Navigation Company, Haifa voor Israel, voor Flamingo Shipping Corporation, Monrovia, Liberia.
Stapelloop achterschip op 19-1-1974 en voorschip op 23-3-1974 vanaf helling 2/3. Doopster was mevrouw E. Hasson.
Het bloemenmeisje bij deze gelegenheid was Angelique Hartog. Een der schotten van het achterschip.
.
Het achterschip op helling 2/3 onder de portaalkraan. Links staat de opbouw te wachten op plaatsing.
. . . Manoeuvreren op het Noordzeekanaal tijdens het passeren van de voormalige Hembrug.
. De Aquila was bestemd voor olietransport via de Persische Golf vanaf Kharg Island naar Eilat. (tot nu onbekende fotograaf)
In 1987 verkocht aan Kollakis Kappa met als thuishaven Limasol en varende onder Cypriotische vlag als Coral Cape. In 1992
verkocht naar Noord Korea voor Tonghae Shipping Co. als U Am San met als thuishaven Chungjin. In 1997 is ze gesloopt.


.
tt Virgo
Tanker, bouwnummer 857, 1974
Opdrachtgever: ZIM Israël Navigation Company, Haifa, Israel, voor Gannet Shipping Corporation, Monrovia, Liberia.
Afmetingen: 330 x 48.68 x 25 meter. Stapelloop achterschip op 15-6-1974.
Het voorschip liep op 17-8-1974 net als het achterschip van helling 2/3 van stapel waarbij de handelingen
werden verricht door mevrouw Dora Amelan. De overdracht vond plaats op 22-12-1974. . . De stapelloop van het achterschip is aanstaande. De man op de voorgrond is Ir. Herfst, directeur Nieuwbouw.
. De tewaterlating werd hier gedaan middels het drukken op een knop door de dame met de bloemen.
Het dopen met champagne gebeurde met de hamer en het bijltje nadat de twee scheepshelften waren gekoppeld.
.


Het achterschip loopt van stapel.
.
De genodigden wachten op het moment dat komen gaat. De dame die de stapelloophandelingen
mocht verrichten krijgt een korte toelichting van directeur Ir. v.d. Meer.
.

Hier loopt het voorschip af.
. De Virgo onderweg in het Noordzeekanaal naar IJmuiden voor de proefvaart.
.
Het moment dat Ir. v.d. Meer (rechts) de Virgo overdraagt aan de eigenaar. Naast hem Piet Boorsma.
. De Virgo in bedrijf. In 1993 is ze gesloopt.
.
.

tt Nepco Bahamas
Tanker, bouwnummer 872, 1975
Opdrachtgever: Antco Shipping Company Ltd. Freeport, Grand Bahama voor Nepco Bahamas Corporation,
New York, USA. (Nepco = New England Petroleum Corporation en gevestigd op de Bahamas).
Afmetingen: 314.12 x 48.68 x 25.60 meter. Verolme/General Electric turbine 32.000 APK.
Op 26-4-1975, om 10.00 uur, werd het achterschip te water gelaten door mejuffrouw G. van Hartingsveld, directie-secretaresse bij de NDSM. De bloemen ontving zij van mevrouw van der Meer, echtgenote van Ir. J. van der Meer, lid van de Raad van Bestuur RSV en hoofd van de divisie Nieuwbouw/Offshore. Op 28-6-1975, om 10.00 uur, werd het voorschip te water gelaten door mevrouw M.C. Overman-Meijer, echtgenote van NDSM werknemer J.J. Overman. De doop werd op 12-9-1975 verricht door Mrs. Margaret Hunter, echtgenote van een der senior vice-presidenten van de Nepco Bahamas Corporation.

Het bewaard gebleven bord dat zich tijdens de kiellegging op de te plaatsen sectie bevond.
.
De genodigden staan op 26 april 1975 klaar voor de tewaterlating van het achterschip.
.

.

Het voorschip vanuit de lucht gezien op de helling 2/3. (Aerophoto Schiphol)
.
De Nepco Bahamas voor de kraanbaan na de koppeling. De twee helften zijn hier goed te onderscheiden. (coll. C.Kleiss)
.De laatste fase van de afbouw te Amsterdam. (foto G.P. Kooij)
.Het loskomen van de kraanbaan die links op de foto nog net te zien is.
.Opnieuw het spannende moment tijdens het passeren van de Hembrug. (foto G.P. Kooij)
. Hier is ook goed te zien hoe weinig ruimte er overbleef in de sluizen bij IJmuiden. (foto G.P. Kooij)
.
.

tt Harry Borthen
Tanker, bouwnummer 880, 1975
Opdrachtgever: Skibsaktieselskapet Motortank & A/S Oljefart II, Noorwegen.
Afmetingen: 329.60 x 48.68 x 25.60 meter. Verolme/ General Electric Turbine 32.000 APK. De stapelloop van het achterschip vanaf helling
2/3 vond plaats op 16-11-1974 waarbij de handelingen werden verricht door mevrouw Klaeboe. De stapelloop van het voorschip, op 1-2-1975, werd verricht door Elizabeth Flatner, secretaresse bij de rederij Borthen. De doop werd op 12-4-1975 verricht door mevrouw Torunn Borthen, echtgenote van de heer P. Borthen. Jacqueline Beyaard was bloemenmeisje. De overdracht was op 1-5-1975. .

Het achterschip als eerste deel in aanbouw.
.
.In afwachting van wat komen gaat.
.
Op 1 februari 1975 gleed het voorschip het IJ in.
. Opweg voor de proefvaart.
. De Harry Borthen, hier in een droogdok, is in 1999 gesloopt.
(coll. C.Kleiss)
.
.
tt Schelderix
Tanker, bouwnummer 884, 1977
Opdrachtgever: R.H.S.V. Schelderix B.V. Rotterdam.
Afmetingen: 330 x 48.68 x 25.60 meter. Stapelloop van het achterschip was op 18-10-1975. De stapelloop van het voorschip, op
29-10-1977, werd ingeleid door mevrouw van Horssen. De doop vond, na de koppeling, op 7-1-1978 bij de Kraanbaan plaats en
werd verricht door mevrouw M. Batenburg-Hartman echtgenote van de voorzitter van de Raad van Bestuur van de Algemene
Bank Nederland. Petra Wevers was hierbij het bloemenmeisje. De genoemde jaartallen zijn correct en geen tikfout! Na de doop was er voor kaarthouders een gelegenheid om het schip te bezichtigen.
.


Richting IJmuiden.


Op het moment dat deze foto gemaakt werd zullen een aantal personen op de brug, waaronder de vaste
proefvaartkapitein de Vries (23 proefvaarten), met spanning het passeren van de Hembrug hebben beleefd.
.
De doorvaart is gelukt.
.

De volgende spannende hindernis was het binnenvaren van de sluizen bij IJmuiden.
Veel ruimte bleef er aan stuur- en bakboord niet over.
. Op weg naar de Noordzee.
(tot nu onbekende fotograaf)
.
.
ms Nedlloyd Houtman
Containerschip, alleen voorschip, bouwnummer 904, 1977
Opdrachtgever: Nederlandse Scheepvaart Unie (NSU) voor dochter de Koninklijke Nedlloyd Groep N.V. Rotterdam.
Afmetingen: 258.50 x 32.26 x 24.15 meter. Twee RSV-Sulzer motoren van elk 26.800 pk zorgden voor
de voortstuwing. De tewaterlating was op 6-11-1976 vanaf helling 2/3
waarbij de stapelloop werd ingeluid door mejuffrouw J. Tijssen, lid van de NDSM Ondernemingsraad.
Bij de NDSM is alleen het voorschip gebouwd, het achterschip is bij VDSM B.V. te Rozenburg gebouwd. Aldaar zijn de twee helften
gekoppeld en na gereedkomen is het schip daar ook gedoopt. Een kritische noot is dat in de tijd dat het bij de NDSM steeds minder
goed ging deze opdracht een troostprijs was. De achterschepen van de Nedlloyd Houtman en Nedlloyd Hoorn leverden vele malen meer
werk op waar de NDSM geen vruchten van kon plukken. Ook de doop ging aan de NDSM voorbij. De vette kluif was dus voor Verolme.
Het voorschip is op deze opname onderweg naar Rotterdam.
De afzonderlijke bouw van het voor- en achterschip verliep niet helemaal volgens de planning. Simpel gezegd kwam het er op neer dat de twee helften niet goed aan elkaar pasten. Door listige aanpassingen is dit toch nog goed gekomen.
.
Op deze foto lijkt het of de kraan op het dek staat, dit is niet het geval, de kraan staat op de kade (foto Ruiterman Nieuwkoop).
Met ingang van 2-6-1980 in de vaart als Largs Bay, per 3-9-1982 opnieuw als Nedlloyd Houtman. Per 13-12-1986 opnieuw
als Largs Bay en op 21-5-1990 weer als Nedlloyd Houtman. Op 16-8-1998 hernoemd als Aramac waarna op 27-10-2000 de
naam werd gewijzigd in P&O Nedlloyd Adelaide. M.i.v. 24-1-2006 werd de naam gewijzigd in Nedlloyd Adelaide. Ten leste is
op 8-12-2006 de naam onder Tuvaluaanse vlag gewijzigd in Sky Interest.

.
.
ms Nedlloyd Hoorn
Containerschip, alleen voorschip, bouwnummer 905, 1977
Opdrachtgever: Nederlandse Scheepvaart Unie (NSU) voor dochter de Koninklijke Nedlloyd Groep N.V., Rotterdam
Afmetingen: 258.50 x 32.26 x 24.15 meter. Twee RSV-Sulzer motoren van elk 26.800 pk zorgden voor de voortstuwing.
Bij de NDSM is alleen het voorschip gebouwd dat op 9-7-1977 vanaf helling 2/3 te water werd gelaten door mevrouw M.W.G. Bonsen-v.d.Berg.
De feitelijke doop werd op 5-1-1979 te Rotterdam verricht door mevrouw C.G. Roolvink-Schouten, echtgenote van de oud-minister van Sociale Zaken. Zij ontving orchideeën van Aafke Baas, administratief medewerkster bedrijfsdienst VDSM.
Het achterschip is bij de VDSM B.V. te Rozenburg gebouwd. Aldaar zijn de twee helften gekoppeld en na gereedkomen is het schip op 5-1-1978 gedoopt door mevr. G.C. Roolvink-Schouten, echtgenote van de oud-minister van Sociale Zaken de heer B. Roolvink. De overdracht vond aansluitende plaats. Tussen 1979 en 1987 in bedrijf als Nedlloyd Hoorn. Tot 1990 is ze onder de naam Maersk Rotterdam in de vaart geweest waarna hernoemd werd tot opnieuw Nedlloyd Hoorn. In 2002 is ze verkocht aan een Chinese scheepssloper en in dat jaar gesloopt.
.
.
Creek
Pipe Burying Barge, bouwnummer 906, 1976
Opdrachtgever: Santa Fé International Corporation, Orange, Californië, USA
Afmetingen: 121.92 x 30.48 x 9.14 meter.
Stapelloop vanaf helling 2/3 op 13-12-1975. De doop werd verricht door mevrouw Monte Pennell, echtgenote van de
vice-voorzitter  van de Raad van Bestuur van de British Petroleum Company. Annemieke Mantel was bloemenmeisje.
Een getekende voorstelling van de Creek.
. De kiellegging van de Creek met de Stars and Stripes op de hijs geplaatst.
.

Het voorschip in de takels.
.

Voor de stapelloop werd het voorschip verzwaard met twee met water gevulde pontons van Goedkoop.
Dit had te maken met de verdeling van de krachten op de Creek bij het aflopen.
. Het moment van te water gaan waarbij de met water gevulde pontons op het dek van de Creek te zien zijn.
. Na de succesvolle stapelloop volgde, zoals gebruikelijk, voor genodigden een diner.
. .Hier, op 15-4-1976, lag de Creek in het dok voor de laatste afbouwwerkzaamheden.
.


De Creek in de vaart. Later is de Creek hernoemd als Castoro 10.
.
.
Dino I
Offshore ponton, bouwnummer 919, 1976
Opdrachtgever: Larsen & Hagen, Stavanger, Noorwegen
Afmetingen: 91.44 x 27.43 x 6.10 meter.
Stapelloop op 7-2-1976, om 10.00 uur van helling 2/3.
.
.
Dino II
Offshore ponton, bouwnummer 920, 1976
Opdrachtgever: Larsen & Hagen, Stavanger, Noorwegen
Afmetingen: 91.44 x 27.43 x 6.10 meter.
Stapelloop op 7-2-1976, om 11.00 uur van helling 2/3.

.
.
Clever Turtle
Offshore bak, bouwnummer 921, 1976
Opdrachtgever: SKUA B.V., Rotterdam, voor rederij Pontones Mastodontes S.A. Panama.
Afmetingen: 91.44 x 27.43 x 6.10 meter.
Op 28-2-1976, om 11.00 uur, van stapel gelopen vanaf helling 2/3 waarbij de doop werd
verricht door mevrouw Ir. M.E. van den Berge-de Boer.
.
.
Rough Sea Barge No. 1
Offshore ponton, bouwnummer 924, 1976
Afmetingen: 91.44 x 27.43 x 6.10 meter.
.
.
Rough Sea Barge No. 2
Offshore ponton, bouwnummer 925, 1976
Afmetingen: 91.44 x 27.43 x 6.10 meter.
.
.
Petrola 60
Afzinkbaar ponton, bouwnummer 926, 1976
Afmetingen: 91.44 x 27.43 x 6.10 meter.
Op 28-2-1976, om 10.00 uur, van stapel gelopen vanaf helling 2/3.
De doop werd verricht door mejuffrouw Caroline van der Vlies.
.
.
Rough Sea Barge No. 3
Offshore ponton, bouwnummer 927, 1976
Afmetingen: 91.44 x 27.43 x 6.10 meter.
Stapelloop op 10-4-1976 vanaf helling 2/3

.

De Rough Sea Barge 3 en 4 zijn gelijktijdig op helling 2/3 gebouwd. Op deze foto het voor en achterschip van beide vaartuigen.
.
.
Rough Sea Barge No. 4
Offshore ponton, bouwnummer 928, 1976
Afmetingen: 91.44 x 27.43 x 6.10 meter.
Stapelloop op 10-4-1976 vanaf helling 2/3

.
.
Ook na deze tewaterlating vond een diner voor genodigden plaats.
.
.
Eager Turtle
Offshore transportponton, bouwnummer 929, 1976
Opdrachtgever: KNSM en Paktank. Als vertegenwoordiger: Skua B.V. uit Rotterdam t.b.v. Pontones Machos S.A. Panama.
Afmetingen: 91.44 x 27.43 x 6.10 meter.
Stapelloop 5-6-1976 van helling 2/3. De doop werd later, op 2-7-1976 , gelijk met de Grand Turtle, verricht door
mevrouw H.J. Baronesse van Styrum-Colijn, het bloemenmeisje was Elsina Verwey.
.
.
Funny Turtle
Offshore transportponton, bouwnummer 930, 1976
Opdrachtgever: KNSM en Paktank. Als vertegenwoordiger: Skua B.V. uit Rotterdam t.b.v. Pontones Machos S.A. Panama.
Afmetingen: 91.44 x 27.43 x 6.10 meter.
Stapelloop 5-6-1976 van helling 2/3. De doop werd later, op 2-7-1976 , gelijk met de Grand Turtle, verricht door
mevrouw M.S. Heuzeveldt-Tjeenk Willink, het bloemenmeisje was Nicolette Zanders.
.
.
Grand Turtle
Offshore transportponton, bouwnummer 931, 1976
Opdrachtgever: KNSM en Paktank. Als vertegenwoordiger: Skua B.V. uit Rotterdam t.b.v. Pontones Machos S.A. Panama.
Afmetingen: 91.44 x 27.43 x 6.10 meter.
Stapelloop 2-7-1976 van helling 2/3. De doop werd verricht door mrs. S.R.N. Campbell. Het bloemenmeisje was Brigitta Brouwer. .
.
Bold Turtle
Offshore transportponton, bouwnummer 932, 1975
Opdrachtgever: Skua B.V. uit Rotterdam t.b.v. Pontones Machos S.A. Panama.
Afmetingen: 91.44 x 27.43 x 6.10 meter.
De doop vanaf helling 2/3 vond plaats op 31-12-1975, om 10.00 uur, en werd verricht door mevrouw A. Thomas,
echtgenote van de heer F.M. Thomas manager offshore development van Paktank B.V. Rotterdam.Mevrouw Thomas zal met de ivoren hamer de draad doorslaan waaraan de champagnefles is bevestigd.
NDSM directeur Ir. Herfst volgt alles in een opperbeste stemming.
.
.
MG 338-1
Zeegaand afzinkbaar deklast ponton, bouwnummer 953, 1977
Opdrachtgever: Exploitatie door Mammoet Goedkoop, Amsterdam, dochter van Mammoettransport B.V. Amsterdam.
Afmetingen: 103 x 30 x 6.5 meter. Stapelloop op 27-11-1976 vanaf helling 2/3. De doop vond plaats op 14-1-1977
door mevrouw T.P. Doyer-v.d. Berg. Het bloemenmeisje was Trijntje Westra.

Net na de tewaterlating.
.Gebouwd voor de float-on/float-off en roll-on/roll-off laad- en losmethoden.
.
.
MG 338-2
Zeegaand afzinkbaar deklast ponton, bouwnummer 954, 1977
Opdrachtgever: Exploitatie door Mammoet Goedkoop, Amsterdam, dochter van Mammoettransport B.V. Amsterdam.
Afmetingen: 103 x 30 x 6.5 meter. Stapelloop op 8-1-1977 vanaf helling 2/3. De doop vond plaats op 14-1-1977
door mevrouw H.C. van Lierop-Bollee. Het bloemenmeisje was Johanna de Soet.De MG 338-2 is los van de helling.
..
954 1977-1-8 mg 338-2
.


Gebouwd voor de float-on/float-off en roll-on/roll-off laad- en losmethoden.
.
.
ms Incotrans Spirit
Containerschip, bouwnummer 960, 1979
Opdrachtgever: Intercontinental Transport BV (ICT), Rotterdam
Afmetingen: 203 x 30,50 x 19 meter. Schelde-Schulzer type 9 RND 90 M. De stapelloop vond plaats op 20-5-1978 waarbij de handelingen werden verricht door mevrouw Heijliger, echtgenote van het Hoofd vlootzaken van de rederij. De feitelijke doop werd op 16-12-1978 verricht door H.K.H. Prinses Margriet waarbij de ceremonie plaatsvond bij de kraanbaan waar de Spirit voor af- en inbouw was afgemeerd.
De oplevering vond in januari 1979 plaats.

De kiellegging.
.

.

.

.

.

.

Tot zover een aantal opnamen uit de bouwperiode.
.

.

Nog op helling 2-3 onder de kraanbaan. (tot nu onbekende fotograaf)
.

Direct na de tewaterlating op sleep genomen.
.

De Incotrans Spirit aan de kraanbaan tijdens het inbouwen van de voortstuwingsinstallatie.
.Er werd bij het inbouwen van de voortstuwingsinstallatie niets aan het toeval overgelaten
en dit resulteerde in een 16 pagina’s dik draaiboek met de berekeningen van Leo v.d. Spek.
.

Vanaf een ponton werd de installatie binnenboord gehaald.
.

.

.

.

.Prinses Margriet gaat voor de tweede maal bij de NDSM de doop van een schip verrichten. De handeling vindt plaats nabij
de kraanbaan waar de Incotrans Spirit ligt afgemeerd. De genodigdentribune staat aan de kop van de kraanbaan en het
doopkatheder staat op de wal naast de tribune.

.“Ik doop u Incotrans Spirit en wens u en uw bemanning een behouden vaart” aldus prinses Margriet.
.
De doop is uiteraard geslaagd maar wel zonder het enorme spektakel van een stapelloop. Rechts directeur Herfst.
. 

Op 13-8-1986 is de “Spirit” hernoemd als Gulf Spirit, op 26-11-1991 als Oocl Blossom, 30-9-1993 Gulf Spirit,
1-5-1994 Eagle Pride en per 12-5-1995 als Gulf Spirit.
Vanaf 27-11-1997 onder Panamese vlag als MSC Katrina.
In november 2008 verkocht voor de sloop in India.

.
.
ms Incotrans Speed
Containerschip, bouwnummer 961, 1979
Opdrachtgever: Intercontinental Transport BV (ICT), Rotterdam
Afmetingen: 203 x 30,50 x 19 meter. Schelde-Schulzer type 9 RND 90 M. De stapelloop op 12-5-1979 werd ingezet
door mevrouw Esther Adema en geschiedde vanaf helling 2/3. De bouw aan de Incotrans Spirit is begonnen op helling 2/3.
. . . . . .
.
Het filmpje dat na het klikken op YouTube te zien is, is gemaakt door meewerkend
voorman uit Lasloods Oost dhr. J.C. Roskam. Het oorspronkelijke filmrolletjes
heeft
nogal geleden door de tijd, is zonder geluid en duurt maar drie minuten.
Toch is het een klein documentje in kleur.
.
. Na de stapelloop vindt de inbouw van de voorstuwingsinstallatie aan de kraanbaan plaats. Net als bij
de Incotrans Spirit gebeurde het binnenboord brengen vanaf het water en volgens een vast protocol.
. Hier een zicht op de hijsconstructie aan bakboord zijde. Aan stuurboord de kraanbaan die nu is omgedoopt tot
Kraanspoor. Nu zonder de twee kranen maar met een gigantische aquariumconstructie als kantoorruimte.
. Vanonder de kraanbaan gezien.
. Techniek en electronica zijn op een schip onmisbaar. Onderstaande foto’s, die door een werknemer
van de NDSM in grote getallen gemaakt zijn, geven in een paar beelden een indruk.
. . . . . . . . . . . . . . Een fototrip door de machinekamer.
.
. Inmiddels als MSC Yokohama in de vaart. Aan de buitenkant is niet veel meer gedaan en ook
het interieur
zal er waarschijnlijk niet op vooruit gegaan zijn. (tot nu onbekende fotograaf)
. Tabee. (tot nu onbekende fotograaf)
.
De “Speed” is onder nogal wat andere eigenaren/namen in de vaart geweest. Aanvankelijk onder de doopnaam voor Intercontinetal Transport en in beheer bij Broström Rederi A/B. Op 20-5-1983 als China Winds en per 30-8-1984 opnieuw als Incotrans Speed nu voor Scheepvaart Mij. “Trans-Oceaan” B.V en vervolgens weer bij Incotrans. Per 26-8-1986 als Gulf Speed en in 1988 onder die naam naar Harmony Shipping Ltd. Monrovia, Liberia waar ze in beheer kwam bij Wallen Shipping Management Ltd. Hongkong. M.i.v. 22-9-1991 als OOCL Brilliance en per 13-3-1993 opnieuw als Gulf Speed. Per 17-4-1994 als Hyundai Vancouver en in 1996 overgegaan naar Roseville Marine Co. Ltd. Piraeus waar ze in beheer kwam bij Costamane Shipping Co. S.A. te Athene. In 10-5-1997 in de vaart als Romanos en als laatste, vanaf 25-10-1997, eveneens onder Griekse vlag als MSC Yokohama. Op 23-3-2009 als MSC Yokohama op het strand te Alang, India gesloopt.
….
Het plan om haar terug te halen naar Amsterdam en na renovatie als museumschip voor de NDSM af te meren vond bij weinigen gehoor. Het laatst gebouwde schip weer voor de werf krijgen en het dek vullen met containers met daarop namen van sponsors leek een geweldige optie. Het ruim zou als Nautisch-Industrieel museum kunnen worden ingericht, er was een machinekamer, radiokamer, stuurhuis enz. Helaas is het anders gegaan, Amsterdam Noord heeft een kans gemist.

.
.
De Incotrans Speed was het laatste zeewaardige schip dat onder de NDSM vlag gebouwd is.
Hier is het NDSM verhaal nu definitief geëidigd. Vaarwel Incotrans Speed, vaarwel NDSM.